Burgers,
waaronder met name vrouwen
en vrouwenvredesgroepen, kunnen een
wezenlijke bijdrage leveren aan het voorkomen
en oplossen van (gewapende) conflicten. Dat heeft de
VN-Veiligheidsraad
vastgelegd in een resolutie over vrouwen
in conflictsituaties (Resolutie 1325). Verschillende
Nederlandse ministeries besteden
in hun beleid hieraan reeds aandacht
en er is een taakgroep Vrouwen, Veiligheid
en Conflict geïnstalleerd. De concrete invulling
van dit beleid heeft echter nog te
weinig internationale invloed.
Gewapende conflicten hebben in alle fasen—
vóór, tijdens, bij onderhandelingen en
bij
wederopbouw en verzoening na een conflict — grote
impact op het leven van vrouwen.
In iedere fase moeten vrouwen(groepen)
kunnen meewerken aan het voorkomen
en het oplossen van conflicten. Zij
moeten daartoe in staat gesteld worden,
onder andere door training en versterking van
hun weerbaarheid, zelfstandigheid en
zeggenschap. |
Vóór het uitbreken van een conflict kunnen
vrouwen oplopende spanningen signaleren.
Zij moeten betrokken worden bij het ontwikkelen
van waarschuwingssystemen.
Tijdens conflicten moeten zij beschermd
worden. Verkrachting en andere vormen
van geweld worden door oorlogsvoerende
machten systematisch als onderdrukkingsinstrument
ingezet.
Tijdens onderhandelingen moeten vrouwen
en mannen evenredig vertegenwoordigd
en veilig zijn.
Bij wederopbouw en verzoening moet uitdrukkelijk
aandacht zijn voor de rechten
van vrouwen in economische en politieke
besluitvorming. Recht op het bezit van
land en erfrecht voor vrouwen zijn belangrijke
internationaal erkende rechten. Ook in
vluchtelingenkampen moeten de mensenrechten
van vrouwen gehandhaafd worden. |